De eeuw van Osdorpse Max Sordam: ‘Ervaring is de beste leermeester’

OSDORP - Toen Max Sordam tachtig werd, vierde hij dat groots. “Ik dacht: dit wordt misschien wel mijn laatste mijlpaal.” Onlangs tikte hij de honderd jaar aan. De Westerpost ging na zijn mijlpaalfeest bij hem thuis op bezoek. “Dat sapje is het geheim, proef maar.”
Hij vraagt of hij tijdens het gesprek mag blijven liggen. Max Sordam is moe. “In mijn hoofd ben ik een kerel van vijftig.” Het is niet het begin van een klaagzang. Hier ligt een tevreden man, die zich met de rollator binnenshuis staande houdt en dankzij de aanloop van familie en vrienden, en tot enkele jaren geleden zijn radioprogramma bij Radio MART, weet dat hij nog volop meedoet. “Ik krijg veel reacties, van jongeren ook. Ik ben verbaasd dat ze naar me luisteren.” Hij zit ook op Facebook, laat hij weten. Daar zie je hem glunderen tijdens zijn verjaardagsfeest in Buurthuis 33, pal bij huis. En hoor je hem de woorden meegeven die hij in tal van boeken, toespraken, trainingen en ook tijdens het interview met de Westerpost als een orakel herhaalt: “We zijn allemaal uniek, allemaal anders, maar we zijn wel gelijkwaardig.”
Hij vloog toch de hele wereld over
Drie huwelijken, twaalf kinderen
Maximiliaan Ignatius Sordam werd in 1926 geboren in Paramaribo. Hij wilde piloot worden, maar zijn vader Lionel vond dat geen goed plan. Het maakt Max Sordam geen bitter mens. Hij vloog toch de hele wereld over en bouwde figuurlijke bruggen tussen culturen en achtergronden. In een tijd dat de meesten een baan voor het leven op één plek hadden, werkte hij op Curaçao, in Suriname en in Nederland; bij de PTT, Shell, KLM en in het gevangeniswezen. Naast al dat werken, was hij vooral vader van twaalf kinderen uit drie huwelijken.
Geen jager
“I want you forever darling, until the stars stop shining,” zingt hij. De tekst is van het lied Leaving me Standing. Hij zong het geregeld voor Marita, die in 2009 overleed, en hij zingt het op verzoek tijdens het interview met de Westerpost. Marita, een kleuterleidster, was de laatste grote liefde in zijn leven. “Ik zag haar in Suriname op een feest van onderwijzers. Die uitstraling, die lach... ik vroeg haar ten dans. Later die avond bracht ik haar met de auto, haar fiets achterin, naar huis.” Avances maakte hij niet. “Ik was geen jager, in tegenstelling tot andere mannen.” Zijn moeder bracht hem bij dat je vrouwen moet koesteren. Zijn vader was streng; Max besloot het anders te doen met zijn kinderen. “Een pak slaag helpt niet. Ik deed daarna toch weer wat ik zelf wilde. Het is effectiever kinderen uit te leggen waarom iets wel of niet kan, waarom het anders moet.”
Rode draad
Marita en Max droomden van een nieuw leven in Nederland, waar ze in 1964 naartoe verhuisden en trouwden. Hier maakte hij carrière in het gevangeniswezen, doorgroeiend tot plaatsvervangend gevangenisdirecteur in de Bijlmerbajes. Het leidde na zijn pensioen tot een benoeming door burgemeester Van Thijn als lid van de onafhankelijke Commissie van Toezicht Arrestantenzorg. Max Sordam stond bekend als iemand die achter elke gedetineerde allereerst een mens zag. “Je moet mensen met respect behandelen, ongeacht hun achtergrond,” zegt hij tegen de krant.
‘Telkens merk ik dat ik eigenlijk niet veel weet’
De verschillen tussen mensen werden de rode draad in zijn leven, waarin hij tussen alle familiebezigheden en werkzaamheden door boeken schreef, waaronder ‘Gevangen tussen meer culturen’, en tijdens lezingen vertelde hoe hij naar de wereld kijkt. “Veel misverstanden, spanningen en conflicten komen voort uit verschillen in achtergrond, cultuur en belevingswereld. Onderling begrip is de sleutel tot respect, vertrouwen en verbinding tussen mensen.” Zijn werk werd breed uitgedragen en ingezet, en droeg bij aan die gewenste verbinding. Met zijn boek over Sranantongo in 1983, het eerste grammaticaal onderbouwde leer- en woordenboek, droeg hij bij aan behoud van en waardering voor de Surinaamse taal. “Taal is een brug tussen mensen.”
Niet lekker
“Ervaring is de beste leermeester,” zegt Max Sordam op de vraag of je met de jaren wijzer wordt en met honderd dus enorm wijs bent. “Als je bewust bent van je mogelijkheden en onmogelijkheden, kun je je overal in de wereld positioneren. Dan zullen mensen je overal aanvaarden.” Ja, hij weet veel na een eeuw leven. Maar: “Telkens merk ik dat ik eigenlijk niet veel weet.” Of hij wel weet wat het geheim is van honderd jaar worden. Max Sordam wijst naar een plant bij het raam en vervolgens naar een kan met sap op tafel. “Aloë Vera. Zelfgemaakt. Proef maar.” Het is vies. “Het is niet lekker, nee.” Verse groenten en “fruit, fruit en nog eens fruit” is het devies van de eeuweling. Geen eten uit blik. Behalve dan cola, dat standaard binnen handbereik staat. “Dat is goed voor je lijf.”
‘Als dat je lukt, kun je je overal staande houden’
Egocentrisch
Max Sordam heeft in een eeuw tijd een lange lijst opgebouwd van bezigheden, werkzaamheden, liefdes, kinderen, boeken, lintjes en prijzen, waaronder de Nelson Mandela Award. Hij is nog niet klaar met het leven. “Ook toen ik tachtig werd, werd me de vraag gesteld hoe oud ik wil worden. Ik zeg nu hetzelfde: honderdtwintig.” Vier jaar geleden liet hij zich dopen bij De Rots Ministries. “Ik stel mij nog altijd open om te leren, om te groeien. Het is nooit te laat om een nieuwe stap met God te zetten.” Al deze levenslessen blijft hij verspreiden. Zoals: “Mensen oordelen snel over de ander. Je moet je altijd afvragen: waarom zegt iemand dat of doet iemand dit?” En ook: “Wat jij denkt, doet of nalaat, hoeft niet maatgevend te zijn voor de ander.” Dat dat in de praktijk weerbarstiger is, komt volgens hem omdat de mens vanuit overlevingsdrang in principe egocentrisch is. “Maar dat strookt niet altijd met de drang en wens van de ander. Je moet dus altijd rekening houden met anderen. Als je dat lukt, kun je je overal staande houden.” Hij kan nog altijd niet geloven hoe die ogenschijnlijk eenvoudige boodschap – laat de ander in de eigen waarde – aansloeg en aan blijft slaan.
Cassavesoep
Of hij nog wensen heeft? “Genieten van eten.” Hij verheugt zich op de cassavesoep later deze dag. Hij heeft het mooiste al bereikt, zegt hij. “Het doet me goed dat ik nog altijd mensen om me heen heb en dat er steeds nog nieuwe mensen bijkomen.” Al zijn wensen zijn uitgekomen. “Zelfs meer dan dat. Ik heb dingen ondernomen waarvan ik nimmer had gedacht dat te ondernemen.” Piloot is hij niet geworden. Met een glimlach: “Ik heb wel eens achter het stuur van een vliegtuig gezeten. Dat reken ik ook goed.”






Meer nieuws uit Amsterdam Nieuw-West?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie