Bewonersreactie op beoogde opvang aan de Ditlaar: ‘Vertrouwen ontstaat door onderbouwen’

Politiek
Groot protest vanuit Sloten en Nieuw Sloten (de schrijver van deze brief staat niet op deze foto).
Groot protest vanuit Sloten en Nieuw Sloten (de schrijver van deze brief staat niet op deze foto). (Foto: Brandeisfotografie)

NIEUW-WEST - Enkele Westerpostlezers klommen na het artikel (klik hier) over de beoogde opvang aan de Ditlaar 3 in Sloten in de pen. Na plaatsing van vier eerdere ingezonden brieven in de krant van week 35 volgde nog een reactie.

Ingezonden

Laat ik beginnen met een belangrijke kanttekening.

Ik ben niet tegen de komst van mensen die kwetsbaar zijn. Integendeel. Als geboren en getogen Amsterdammer vind ik dat onze stad een plek moet zijn waar iedereen mee kan doen en waar mensen die ondersteuning nodig hebben die ook krijgen.

Maar zo’n ambitie kan alleen slagen als de voorbereiding zorgvuldig is.

‘Ik hoorde via via, niet van de gemeente, van de plannen’

Toen ik – via via, want van de gemeente had ik geen brief ontvangen – hoorde van de plannen, had ik vooral veel vragen. Zonder vooringenomen standpunt ben ik daarom naar de informatieavond van 9 juli gegaan. Ik hoopte daar antwoorden te krijgen die zouden laten zien dat de gemeente haar keuzes zorgvuldig had voorbereid. Die hoop bleek ijdele hoop. Steeds opnieuw hoor ik dezelfde boodschap: “Vertrouw ons, het komt goed.”

Maar vertrouwen werkt niet zo. Vertrouwen ontstaat niet doordat een overheid om vertrouwen vraagt. Vertrouwen ontstaat doordat deze laat zien waarom zij dat vertrouwen verdient.

Ook de reactie van stadsdeelvoorzitter Terwel in het artikel ‘Dreigt voor omwonenden Ditlaar zelfde drama?’ maakt dat niet anders. Zij erkent terecht dat de communicatie beter had gemoeten, maar daarmee wordt het probleem te veel gereduceerd tot een communicatieprobleem. Onze kritiek gaat verder: wij willen niet alleen weten wat de gemeente gaat doen, maar vooral waarom zij vindt dat dit verantwoord is.

Terwel volhardt in hetzelfde patroon: geruststellende conclusies zonder onderbouwing, algemene beleidsargumenten voor een concrete locatiekeuze en verwijzingen naar begeleiding en toekomstige beheersmaatregelen.

Dat 1.377 mensen wachten op beschermd wonen, dat 39 bewoners minder zijn dan 150 en dat cliënten volgens de GGD niet gevaarlijk zijn, zijn relevante feiten. Maar ze beantwoorden niet de kernvraag: waarom is juist deze voorziening, voor deze doelgroep, in deze omvang, op deze plek, na afweging van alternatieven en risico’s, de beste en meest verantwoorde oplossing?

‘Lotte Terel zegt dat de cliënten geen gevaar vormen’

Terwel zegt dat de cliënten die voor Ditlaar zijn geïndiceerd, met de juiste begeleiding, geen gevaar vormen. Maar waarop is dat gebaseerd? Welke cliënten komen hier precies wonen? Welke problematiek hebben zij? Welke problematiek wordt uitgesloten? Wie beslist over plaatsing en welke criteria gelden? En vooral: hoe is vastgesteld dat deze groep geschikt is voor juist deze locatie?

“Deze mensen zijn niet gevaarlijk” is bovendien iets anders dan “deze voorziening levert in deze woonomgeving geen veiligheidsrisico’s op”. Het gaat om maximaal veertig bewoners in een woonwijk, met bezoekers, bewegingen van en naar de voorziening en een omgeving met onder andere kinderen, een school en speelplekken. Dat vraagt om een locatiegerichte veiligheidsanalyse.

Terwel zegt: “Nooit overlast, dat hoort u mij niet zeggen.” Prima. Maar welke risico’s verwacht de gemeente dan wél? Hoe groot acht zij die? Welke maatregelen worden genomen en waarop is gebaseerd dat die maatregelen werken?

Ook het argument van de wachtlijst lost dit niet op. Dat er grote behoefte is aan beschermd wonen, betekent niet automatisch dat elk beschikbaar pand geschikt is voor iedere doelgroep. Juist dan moet de gemeente inzicht geven in de afweging tussen behoefte, doelgroep, zorgzwaarte, locatie, omgeving, draagkracht en alternatieven.

‘Welke lessen zijn geleerd van de Jan Rebelstraat?’

Hetzelfde geldt voor de vergelijking met de Jan Rebelstraat. Natuurlijk zijn 39 bewoners iets anders dan 150. Maar de relevante vraag is: welke lessen zijn daar geleerd, welke problemen deden zich voor en hoe worden die op Ditlaar voorkomen? Ook daarop heeft de gemeente nauwelijks antwoord gegeven.

Terwel noemt Ditlaar een buurt “met draagkracht”. Maar waarop is dat gebaseerd? Is dat onderzocht? Is gekeken naar de al aanwezige voorzieningen en de cumulatie daarvan? Welke criteria bepalen eigenlijk hoeveel maatschappelijke voorzieningen een buurt kan dragen?

En dan is er de begeleidingscommissie. Die kan nuttig zijn, maar zij kan niet het onderzoek vervangen dat de gemeente vóór een besluit had moeten uitvoeren. Een commissie kan monitoren en adviseren. Zij kan niet achteraf bepalen of de locatie eigenlijk wel geschikt is, welke veiligheidsrisico’s er zijn en of de gekozen doelgroep verantwoord is.

Daarom blijft voor mij de kern overeind: het probleem is niet alleen dat de gemeente onvoldoende heeft gecommuniceerd. Het probleem is dat zij onvoldoende laat zien dat zij haar besluit zorgvuldig heeft voorbereid.

Wij vragen niet om de garantie dat er nooit iets misgaat. Wij vragen om iets veel redelijkers: laat zien waarop uw vertrouwen is gebaseerd. Laat zien welke feiten, onderzoeken en afwegingen aan dit besluit ten grondslag liggen.

Want vertrouwen ontstaat niet door geruststelling.
Vertrouwen ontstaat door onderbouwen.

Buurtbewoner Nieuw Sloten

Meer nieuws uit Amsterdam Nieuw-West?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: