Dirigent Sander van Dorst derde op Wereld Muziek Concours: ‘Veel over mezelf en het vak bijgeleerd’

CASTRICUM – Dirigent Sander van Dorst heeft tijdens het Wereld Muziek Concours (WMC) in Kerkrade een derde plaats behaald. Een prestatie waar hij met grote tevredenheid op terugkijkt.
Voor Sander was de wedstrijd niet alleen een competitie, maar vooral een intensieve zoektocht naar zijn eigen muzikale mogelijkheden. Die ervaring neemt hij nu mee naar de lokale orkesten die hij dirigeert, zoals het fanfareorkest van Emergo in Castricum.
Toen Sander met de twee andere finalisten wachtte op de definitieve uitslag, had hij al een voorgevoel dat het zomaar eens de derde plaats zou kunnen worden. “Je hoopt natuurlijk op de eerste of tweede plaats, maar al snel was ik heel blij met de derde plek. De dagen erna werd dat gevoel van berusting alleen maar sterker.”
Van langdurige teleurstelling was dan ook geen sprake. Sander kijkt met een goed gevoel terug op de wedstrijd en ziet de juryrapporten vooral als waardevolle lessen. Na iedere ronde kreeg hij uitgebreide feedback. “Je krijgt na elke ronde feedback van de jury. Wel negen A4’tjes alleen al de eerste ronde! In de tweede en derde ronde krijg je zes A4’tjes feedback’’ zegt hij. ‘’Dat zie ik als leerpunten voor mezelf om nog beter te worden. Bijvoorbeeld hoe je op een moment van stress kalmte bewaart en eerst nadenkt over hoe je de muzikanten kunt helpen. Soms kan dat beter met mimiek dan met woorden.”
Meer dan ‘met een stokje zwaaien’
Volgens Sander is het dirigeren zelf maar een klein onderdeel van het vak. ‘’Het is wel wat meer dan met een stokje zwaaien’’, lacht hij. ‘’Er zijn zoveel facetten. Het dirigeren van het orkest tijdens een concert is misschien 20 procent van je werk. Zeker de helft van je tijd en energie gaat in de voorbereiding zitten.”
Die voorbereiding begint voor hem met het volledig uitpluizen van een compositie. Wie schreef het stuk? In welke tijd werd het gecomponeerd? Wat hield de componist bezig? Hoe zijn de melodieën en akkoorden opgebouwd en waar liggen de dynamische verschillen? “Elke noot heeft een meerwaarde. Dirigeren is eigenlijk de tweede stap. Eerst moet je voor jezelf bepalen: hoe denk ik dat dit moet klinken? Daarna moet je dat als dirigent vertalen naar het orkest’’, legt Sander uit.
Daarbij komt ook een sociaal aspect kijken. ‘’Een dirigent moet muzikanten niet alleen muzikaal aansturen, maar ook weten hoe hij mensen kan prikkelen, geboeid en gefocust houdt en kan meenemen in de muziek. Tempo, lichaamstaal en stemgebruik spelen daarin allemaal een rol.’’
Eén uur voorbereiden
In de finale van de competitie kregen de finalisten slechts één uur de tijd om met een professioneel orkest het stuk voor te bereiden. ‘’We moesten zelf drie stukken voorbereiden. Toen we de maandagavond hoorden dat we de finale hadden gehaald, moesten we dinsdagochtend gelijk de repetitie in met één van die drie stukken. De woensdag volgde de uitvoering. Als je het vergelijkt met wat een professioneel orkest normaal doet, is een uur voorbereidingstijd eigenlijk best ruim. Maar tegelijkertijd moet je zelf wennen, het orkest moet aan jou wennen en je weet dat je beoordeeld wordt op wat je repeteert én op hoe je dat doet. Dat zorgt voor een wat meer gespannen repetitiesfeer.”
Prioriteiten stellen en snel schakelen
Snel prioriteiten stellen en schakelen waren volgens Sander daarom essentieel. Het orkest werkte daar volgens uitstekend aan mee. “Het orkest heeft een fantastische prestatie geleverd en was heel meewerkend. Dat gaf mij ook vertrouwen.”
Elk stuk heeft zijn eigen DNA en zijn eigen hindernissen volgens Sander. ‘’Hoe een orkest zo’n finalewerk uiteindelijk speelt, weet je van tevoren niet. Dat maakte het spannend.”
Onbekende factor
De muziek zelf was voor Van Dorst niet het grootste struikelblok. De onbekende omgeving bezorgde hem meer zenuwen. “Ik was niet zo bang voor de muziek. Die was behapbaar en overzichtelijk en daar kon ik me goed op voorbereiden. Wat voor mij soms wat verlammend kan werken, is het onbekende. Je kent de jury, de muzikanten en de zaal niet, daar werd ik wel wat zenuwachtig van.” Daarom probeert hij vooraf een zo goed mogelijk een beeld te vormen van de omgeving waarin hij moet presteren. Een foto van de concertzaal kan daarbij helpen. “Als ik weet hoe een zaal eruitziet, kan ik beter visualiseren wat me te wachten staat. Ik zoek van tevoren vaak een plaatje op Google op. Dan ben ik daar in ieder geval een beetje op voorbereid.”
Vrijer en expressiever dirigeren
De derde plaats heeft Sander meer zelfvertrouwen gegeven. Hij heeft zin om weer aan de slag te gaan met nieuwe partituren. “Een partituur kan makkelijk uit honderd pagina’s bestaan. De vraag is dan: hoe zorg ik ervoor dat ik niet alleen technisch in zo’n stuk zit, maar dat ik het echt van binnenuit kan verklanken? Daar heb ik nieuwe manieren voor ontdekt.” De juryrapporten hielpen hem daarbij. Niet alleen vanwege de verbeterpunten, maar ook vanwege de bevestiging van wat al goed ging. “Het leuke aan de juryrapporten is dat je de zwakke punten meteen herkent. Maar de sterke punten bevestigen ook dat je op de goede weg bent. Bij Emergo wil ik die manieren van werken ook gaan toepassen. Ik heb bovendien meer vertrouwen gekregen in mijn eigen muzikale ideeën.”
Tijdens de finale kreeg Sander terug dat hij zeer expressief en betrokken voor het orkest stond. Dat vertrouwen werkte volgens hem twee kanten op. “Ik kreeg veel vertrouwen van het orkest. Daardoor kon ik ook vrijer en expressiever zijn, omdat dat vertrouwen er wederzijds was. Dat heeft zeker bijgedragen.”
‘Het gaat verder dan alleen de juiste noten spelen’
Het uiteindelijke doel was voor Sander niet in de eerste plaats de winst: ‘’Voor mij is het belangrijkste dat ik op het moment dat ik daar sta de muziek, zoals die is opgeschreven, opnieuw laat ontstaan. Je wilt verklanken wat de bedoeling van de componist is geweest. Dat gaat verder dan alleen de juiste noten spelen. Het gaat om de energie. En naar mijn gevoel is dat daar gelukt.”
Bucketlist
Een nieuwe internationale wedstrijd staat voorlopig niet bovenaan zijn verlanglijstje. Sander ziet zijn deelname vooral als een manier om zichzelf te ontwikkelen. Zijn muzikale ambities zijn er echter volop. Hij wil vooral meer muziek ontdekken en meer partituren bestuderen. “Mijn grootste wens is om meer partituren te zien, stukken te ontdekken en zo tot een eigen bucketlist te komen van werken die ik graag wil uitvoeren.”
Een van die werken heeft hij al op het oog: Belkis van Ottorino Respighi.“Dat lijkt me ontzettend tof. Dat is supermooie muziek.”
Voorlopig dus geen jacht op een volgende titel, maar vooral op nieuwe muziek en duikt hij met het fanfareorkest van Emergo de diepte in voor een volgend verrassend optreden.






Meer nieuws uit Castricum?
Ontvang de laatste updates per mail — schrijf je hier in!
Heb je ook een nieuwtje? — Tip hier onze redactie