Hangen is van alle tijden en van alle leeftijden, ook in Loosduinen

Nieuws
Annica en Danny:
Annica en Danny: "De meesten zoeken simpelweg het contact op straat om op een leuke manier de tijd met leeftijdgenoten door te brengen." (Foto: Ankie Driessen)

In Loosduinen zijn veel groepjes jongeren en ouderen die hun vertier op straat zoeken. Het zijn de zogenoemde hangjongeren en hangouderen. Zij ontmoeten elkaar voornamelijk buiten. Meestal spreken ze vooraf af waar ze elkaar zien.

door Ankie Driessen

Sommigen zijn nog heel jong en de ouderen zijn vaak de 80 jaar al gepasseerd. Deze groep ontmoet elkaar bijvoorbeeld bij de bankjes op het Loosduinse Hoofdplein. Het straatbeeld van Loosduinen nu maar ook al tekenend voor de hele stad in de jaren 60. “We lopen, praten, eten ergens in de buurt bij het Bokkefort park of gaan soms met z’n allen naar The Mall in Leidschendam om iets te kopen. Meestal zijn we met een groepje van zes jongeren.” , vertellen Annica en Danny enthousiast.
Annica (18) studeert bio informatica in Leiden en Danny (19) studeert psychologie in Amsterdam. Zij zijn een voorbeeld van de vele groepjes jongeren die binnen de Loosduinse wijken voor ontmoetingen met leeftijdgenoten de straat opgaan. Voor de ouderen telt hetzelfde.

Leerschool

“Er hangt vooral vaak een negatief imago rond de groepjes jongeren”, vertellen Annica en Danny. “Soms zijn ze inderdaad wat luidruchtiger waardoor bewoners zich bedreigd kunnen voelen. Dat beeld telt ook voor de jongeren die rondrijden op een fatbike en groepjes vormen. Maar de meeste van alle jongeren zoeken simpelweg alleen het contact op straat om op een leuke manier de tijd met leeftijdgenoten door te brengen omdat we elkaar begrijpen. Buiten hebben we ook de ruimte en het is lekker gezond. Op straat leren we andere dingen dan op school. Ouderen vertelden ons dat zij dat ook zo hebben ervaren. De straat is een goede leerschool als je het juiste eruit haalt”, menen Annica en Danny die al vanaf de middelbare school als groep op straat te vinden zijn.

“Ouderen deden vroeger hetzelfde, al ging het er in die tijd met de jeugdbendes soms hard aan toe. Ook vroeger werd buitenhangen, net als nu, vaak alleen als negatief bestempeld terwijl het voor de contacten juist heel goed is”, vullen zij aan.

Beiden vertellen net als veel andere jongeren en ouderen in het boek “Ode aan het hangen” uitvoerig hun verhaal aan Noa van der Kaay, journalist en jongerenwerker in Loosduinen. Pien Meeder zorgde voor de foto’s en het ontwerp. Lies de Jager leidde het project namens de organisatie het Haags Verhaal dat onlangs nog een Spotlight Award ontving voor diverse andere uitgaven over bepaalde fenomenen in Den Haag. Het eerste boek van “Ode aan het hangen” wordt op zaterdag 1 november om 17.00 uur in de Loosduinse Hof gepresenteerd door wethouder Hilbert Bredemeijer. Een expositie van de illustraties en teksten uit het boek is daar aan vastgekoppeld en is ook op het Loosduinse Hoofdplein te zien.

Het boek is een idee van Felicia Groenendijk. Zij werkt op het Stadsdeelkantoor Loosduinen op de afdeling welzijn, jeugd en participatie en vroeger zelf hangjongere. Zij vindt dat veel meer mensen met de jongeren en ouderen op straat in contact moeten gaan. “Ik ben blij met dit boekje: een ode aan het hangen En een uitnodiging om het gesprek aan te gaan. Want hangen is van alle tijden. Laten we niet alleen de verschillen zien tussen vroeger en nu, maar vooral de overeenkomsten. En er met elkaar het beste van maken”, is haar opvatting.

Meer nieuws uit Den Haag?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: