Van Noord-Holland naar een Braziliaanse cel: Lisa smokkelde drugs

Nieuws
In 2016 maakte Lisa een beslissing die haar leven volledig zou veranderen
In 2016 maakte Lisa een beslissing die haar leven volledig zou veranderen (Foto: Fer Korverfotografie)

REGIO - De Braziliaanse agenten liepen in een rechte lijn op ons af. ‘Ben jij Lisa Jansen?’ vroegen ze. Ik wist toen wel hoe laat het was. Mijn lichaam verstijfde, de grond leek onder mijn voeten weg te zakken. Dit was het. Het moment waarop mijn leven, dat al in een draaikolk van chaos verkeerde, definitief zou veranderen. Lisa groeide op in de polder, waar haar jeugd zorgeloos was.  Maar hoe kwam zij van die veilige wereld in de beruchte gevangenis van Carandiru in Brazilië? Een fatale keuze leidde haar richting nachtmerrie.

Door: Sandra Ooms

Een onbezorgde jeugd

Lisa (gefingeerde naam, red.) groeide op in de polder. Ze had een fijne jeugd. “Mijn ouders namen me vaak mee op vakanties. Thuis had ik niets te klagen, ik deed aan turnen en was dansmarieke bij de carnavalsvereniging.” 

Rond haar achttiende maakte housemuziek zijn opmars. Lisa werd een vast gezicht in een lokale iconische uitgaansgelegenheid. Maar achter de feestvreugde begon zich een duistere kant te ontvouwen. “Ik begon pilletjes te slikken, af en toe een lijntje coke. Niets bijzonders, dacht ik toen. Het was de norm in die wereld.”

De eerste scheuren

Na een reeks mislukte relaties en een traumatisch auto-ongeluk waarbij Lisa haar rug op drie plaatsen brak, gleed ze steeds verder af. “Na dat ongeluk kon ik niets meer. Ik lag plat op bed bij mijn ouders, onze relatie verslechterde snel. Ze waren boos op me, zeiden dat het mijn eigen schuld was.” Uiteindelijk woonde Lisa afwisselend in Hoorn en Alkmaar, waar ze in een wereld vol junkies en criminelen belandde. “Ik begon te stelen om mijn verslaving te bekostigen,” zegt ze met een bittere glimlach. “Ik werd de beste dief van Alkmaar genoemd, alsof dat iets is om trots op te zijn.” Toch ging het steeds verder bergafwaarts. Ze kwam in een vicieuze cirkel van gevangenis, klinieken en terugvallen in haar verslaving terecht. Ondanks alles bleef haar vader haar steunen. “Hij was woedend, maar onvoorwaardelijk trouw. Hij heeft me gered, keer op keer. Haar stem breekt als ze aanvult: “Ondanks dat ik mijn ouders ook dingen heb aangedaan, ik heb daar zoveel spijt van.” 

Een fatale keuze

In 2016, dakloos, financieel en emotioneel aan de grond, maakte Lisa een beslissing die haar leven volledig zou veranderen. “Ik zei tegen een vriend: ‘Ik ga drugs smokkelen. Dit is mijn keuze. “Ik wilde eruit, een nieuw leven beginnen. Met dat geld kon ik afkicken en wellicht een huisje huren. Dit leek de enige uitweg.” Via een tussenpersoon kwam ze in contact met een smokkelnetwerk. “Ze betaalden mijn paspoort, gaven me nette kleding en een koffer. Ik voelde me als een poppetje dat door hen als een keurige dame werd aangekleed.” Lisa werd afhankelijk van hen door de stroom aan drugs en geld die ze kreeg. Op 1 juni 2016 was het zover, vertelden ze. “Opeens durfde ik niet meer. Doodsbang was ik. Maar het moest. Die mensen hadden maanden voor me gezorgd en mij drugs, geld en kleding gegeven. Dat kon ik nooit terug betalen. Omdat ik zo in paniek was besloot mijn toenmalige vriend met me mee te gaan. Samen vlogen we naar Brazilië.” 

Helse voorbereiding

In São Paulo werden Lisa en haar partner in een hotel gestopt. “We mochten nergens heen. Het was alsof we gevangen zaten. Vier weken lang leefden ze onder constante spanning. Halverwege de maand belde Lisa haar vader. “Onbewust voelde ik natuurlijk dat dit verhaal weleens heel slecht kon aflopen. Hij moest in elk geval weten waar ik was.  Al kon ik hem de waarheid niet vertellen. ‘Gewoon vakantie,’ loog ik. Maar hij geloofde er niets van.”

De dag van vertrek kwam, 1 juli 2016, maar het plan veranderde plotseling. “In plaats van de afgesproken drie kilo coke kregen we plots twee zakken van elf kilo. Ik was verstijfd door angst.  ‘Dit was niet de afspraak!’ riep ik, maar ze zeiden dat als ik weigerde, ik in een kist terug zou vliegen. Ik kon geen kant op. We moesten ook maar zelf bedenken hoe we al die zakken drugs gingen verstoppen in de koffer. ‘Haal je kleding er maar uit’, zeiden ze. Gelaten heb ik al die zakken drugs gewoon lukraak in de koffer gesmeten.”

De arrestatie

Met lood in haar schoenen plaatste Lisa de koffers op de bagageband en liep naar een restaurant op de luchthaven. “Elke minuut voelde als een uur. Ik voelde dat ik gepakt zou worden. Misschien wilde ik dat ook wel, stiekem, zodat alles zou stoppen.” Toen de agenten haar naam riepen, was het klaar. “Ze lieten ons meelopen naar een kamertje, de ‘walk of shame’ noemen ze dat. Een cameraploeg volgde ons, en ik wist: dit wordt in heel Brazilië uitgezonden.” In een kleine ruimte werden de koffers geopend. De inhoud sprak boekdelen. Een agent gaf nog gewichtig een showtje. Hij deed de ‘meel’ in een buisje met vloeistof. ‘Als dit buisje blauw kleurt, dan is het drugs’, zei hij. ‘Duh!”, riep ik gelaten. Lisa belde haar vader. “Hij schreeuwde dat hij me nooit meer zou helpen, maar ik wist dat hij dat niet meende.” Daarna gingen de wegen van Lisa en haar partner uiteen. Zij werd naar de vrouwengevangenis Carandiru in São Paulo gebracht. 

Overleven in Carandiru

Lisa’s eerste weken in de gevangenis waren een nachtmerrie. “Ik zat in afzondering, sliep op beton. Maar ik moest me aanpassen, dus ik leerde snel gebarentaal en wat Portugese woorden om te communiceren.” Na de afzondering stonden tientallen vrouwen haar uitbundig klappend op te wachten. Ze hadden haar aanhouding op tv gezien en wisten dat ze eraan kwam. Al snel had ze door dat er slippers van cel naar cel werden gegooid met handelswaar eraan. Zo ontving ze af en toe chocola of sigaretten in ruil voor bijvoorbeeld make-up.  Ook kreeg ze contact met gevangenen die banden hadden met de PCC, de beruchte Braziliaanse maffia. “Die vrouwen beschermden me. Ze zorgden ervoor dat niemand me aanraakte. Lisa leerde de ongeschreven regels van overleven: verraden van een medegevangene betekende problemen, maar zwakte tonen kon fataal zijn. Na negen maanden werd Lisa overgeplaatst naar een semi-open gevangenis. “Dat was veel erger. We sliepen met twintig vrouwen in een cel voor acht. Vaak lag ik op de grond. Het was écht overleven. Ontbijt én lunch bestond elke dag uit een karig bordje rijst met bruine bonen.”

Dakloos en beroofd

Uiteindelijk kwam Lisa vrij. Maar haar terugkeer naar de vrijheid was geen opluchting. Ze mocht het land pas verlaten na toestemming van de Policia Federal. Zij bepalen wanneer je straf erop zit.  “Ik had niets. Ik was op mezelf aangewezen.” Ze verbleef nog bijna twee jaar in Brazilië, waar ze op straat leefde, vaak ook in sloppenwijken. Soms werd ze opgevangen in een herberg. Ondanks de bescherming van PCC-leden die haar soms hielpen, voelde ze zich vaak onveilig. “Ik werd eens beroofd. Twee jongens kwamen op me af, één met een pistool. Ze namen alles wat ik had. Dat moment brak me.”  Uiteindelijk regelde haar vader een kamer voor haar, voor een heel jaar. Lisa wist zich staande te houden. “Ook de maffia heeft ervoor gezorgd dat ik dit heb overleefd. Ik ben ze enorm dankbaar.” 

Ondertussen deed haar vader in Nederland alles om haar terug te halen. “Samen met het Consulaat heeft mijn vader behoorlijke druk op de Policia Federal gezet. Het was maart 2020. De Corona lockdown kwam eraan. Dat was eigenlijk mijn redding: als ik nu niet terug vloog zou ik misschien nooit meer thuiskomen. Het is fantastisch dat hij dat voor elkaar heeft gekregen. Hij belde me: ‘Vrijdag vlieg je naar huis, via Madrid. Desnoods rij ik daarheen om je op te halen.’ Maar toen het vliegveld in Madrid op slot ging, leek alles weer verloren.” Uiteindelijk wist Lisa zelf een ticket te regelen naar Brussel. “Mijn vader was trots op me: ‘dat heb je heel slim gedaan meisje, ik zal er zijn,’ Het moest allemaal razendsnel. Toen het vliegtuig landde in Brussel, op 21 maart 2020 - de eerste dag van de lockdown - was ik zo emotioneel. Ik zag mijn vader, en huilend vlogen we elkaar in de armen.”

Een nieuwe start

Lisa woont nu weer in Nederland, maar haar verleden blijft haar achtervolgen. “Ik word nog steeds nagekeken en hoor veel gefluister achter mijn rug. Een lokale supermarkt mag ik nooit meer in, enkel en alleen vanwege mijn naam. Ik ben familieleden en vrienden verloren. Dat doet pijn.” Maar ze blijft hoopvol. “Ik doe vrijwilligerswerk en mijn droom is om met lezingen jongeren te waarschuwen. Als ik er maar eentje kan redden, dan is mijn missie geslaagd.”

Haar stem breekt als ze over haar ouders spreekt. “Mijn moeder is inmiddels overleden, maar ze zou nu trots op me zijn hoor. Ik voel dat ze meekijkt vanuit de hemel. Mijn vader is een held. Zonder hem zou ik hier nu niet zijn. Aan beiden wil ik zeggen: “Sorry, ik hou van jullie.”

Meer nieuws uit Oostzaan?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: