Op de pijp met... Aart van den Berg

Nieuws
Afbeelding

Even pauze. Even op de pijp. Bakkie doen, praatje maken. Met en over bijzondere Westlanders. Westlanders met een verhaal. Over Westlandse waarden, en over heden, verleden en toekomst. Deze keer praten we met: Aart van den Berg.

Tekst: Esdor van Elten / Foto’s: Ton van Zeijl

Aart van den Berg (65) maakt met zijn Theater In Feite zaken als vechtscheiding, ouderen- en kindermishandeling bespreekbaar. “Door het zichtbaar te maken komen verhalen los”. Aart woont met zijn vrouw Alice in ‘s-Gravenzande. Samen hebben ze drie kinderen en drie kleinkinderen.

Waar kom je vandaan? 

Mijn familie is al sinds 1685 tot nu in een vrijwel rechte lijn verbonden met ‘s-Gravenzande. In dat jaar kwam Goose van den Berg hier vanuit Den Bosch om te werken als arbeider. De Van den Bergen waren generaties lang arbeider, tot ze uiteindelijk tuinder werden. Dat was mijn vader ook. Hij had een grote tuin voor die tijd. Helaas is hij overleden toen ik 8 was. Mijn moeder nam toen de tuin over. Misschien was zij wel de eerste vrouwelijke tuinder in het Westland. Maar ook zij overleed een paar jaar later, toen ik 14  was. Dus ik was vroeg wees.

Een moeilijke start… 

Ik was een nakomertje, dus mijn broer en één van mijn zussen waren oud genoeg om mij op te voeden. Ze kwamen speciaal daarvoor weer in het ouderlijk huis wonen. Gelukkig maar. Anders was ik misschien wel weggelopen. Ik had als kind veel vrijheid, maar was wel een echte dorpsjongen. kwam niet verder dan de Heenweg, tot ik naar het Groen van Prinstercollege in Den Haag ging. Mijn Westlandse accent heb ik daar snel afgeleerd.

Had je een idee van de toekomst? 

Ik wist niet wat ik wilde worden, maar wist wel dat ik naar Amsterdam wilde. Ik was redelijk goed in economie, dus ik ben daar ontwikkelingseconomie gaan studeren.

Wat houdt dat in? 

Hoe kun je landen helpen ontwikkelen naar een hoger ontwikkelings- en welvaartsniveau. Ik was, en ben nog steeds, links georiënteerd. Tijdens mijn studie was ik lid van de PSP. Later van GroenLinks. Voor die partij ben ik ook steunraadslid geweest. Na mijn studie wist ik nog steeds niet wat ik wilde. Ik werd leraar boekhouden in Rotterdam.


Iets heel anders… 

Ik liep één bladzij voor op mijn leerlingen. Ik leerde daar wel dat ik goed met jongeren op kon schieten. Maar dat was het toch niet. Ik ben toen samen met mijn vrouw een natuurvoedingswinkel in ‘s-Gravenzande begonnen. Met de kennis van nu was dat te vroeg. We zijn veertig jaar verder en pas nu is dat een beetje doorgebroken.

Geen succes dus? 

Ik vind het een groot succes. We hebben het gedurfd en gedaan en ervan geleerd. Het leverde alleen niet genoeg geld op. Ik ging werken bij het wetenschappelijk bureau van de Evangelische Volkspartij (ook opgegaan in GroenLInks – EvE). Al in mijn studie was ik op zoek naar zekerheid en dat zocht ik onder andere in het geloof. Alles bij elkaar bracht dat me ertoe theologie te gaan studeren in Leiden. Daar realiseerde ik me dat niet zekerheid, maar juist twijfel de kern is. Het is nu geen zoektocht meer. Ik heb stage gelopen bij de Wereldraad van Kerken in Genève waar ik onderzoek deed naar christelijke documentatie over economie. Daar kwamen dingen samen. Uiteindelijk ben ik op dat onderwerp ook gepromoveerd: God and the Economy. Maar terwijl ik les gaf en promoveerde aan de Vrije Universiteit wist ik al dat ik wat anders wilde doen. Ik maakte het wel af, want zo zit ik ‘in elkaar.

Wat wilde je dan? 

Iets met theater. Eigenlijk vooral het schrijven van theaterstukken. Dat was al langer een wens. Ik heb bijvoorbeeld ook cabaret gedaan en in het Land van Ooit gewerkt. Veel mensen ontmoet, contacten opgedaan en veel geleerd. Ik had een leuk concept bedacht en daar wilde ik het mee gaan proberen.

Wat voor concept? 

Theater maken voor bedrijven en organisaties. De opdrachtgever geeft aan wat de kern van de boodschap is en ik verwerk dat in theatervorm. Dat kan variëren van een typetje bij de deur bij een evenement tot een avondvullend theaterdiner. Zo hadden we ‘Het Tribunaal’ waarbij ik luisterde naar wat er in het bedrijf gaande was en dat verwerkte tot een ‘rechtszaak’. Het moest in de eerste plaats natuurlijk leuk zijn, het is entertainment. Maar soms kon een organisatie er ook echt iets mee en kwamen er veranderingsprocessen uit voort.

En dat concept werkte? 

Ik kon er binnen een jaar van leven. En naarmate het groeide had ik zelfs een regisseur, een vormgever en een organisator in dienst. De financiële crisis die begon in 2008 heeft dat weer gecorrigeerd en uiteindelijk ben ik alleen met mijn vrouw weer doorgegaan.

En de coronacrisis? 

Die heeft ook een omschakeling gebracht. Alles viel natuurlijk stil. Het enige waar we, met mate, mee door konden was een voorstelling over kindermishandeling. Die deden we op scholen als die open waren. In, en ik denk ook door de coronacrisis, is dat enorm uitgebreid. We spelen het nu in Haarlem, Capelle a/d IJssel, Rotterdam, Den Haag en Leiden, maar als we de capaciteit hadden zouden we het kunnen uitrollen over heel Nederland. In het spoor van die voorstelling hebben we ook voorstellingen over ouderenmishandeling en vechtscheidingen gemaakt.


Serieuze onderwerpen… 

Wat entertainment was, is nu zeer serieus geworden. De voorstelling komt samen met een lespakket en gesprekken in de klas, of waar de voorstelling dan ook gehouden wordt. Het is in de eerste plaats kennisoverdracht: preventief. Maar regelmatig vissen we er toch iemand uit die geholpen kan worden. Dat geldt voor kindermishandeling, maar ook voor ouderenmishandeling.

Komt dat dan zoveel voor? 

Er zijn verschillende vormen: fysieke mishandeling, maar ook financiële mishandeling. En we hebben vaak te maken met overbelaste mantelzorg die ervoor zorgt dat wat goed bedoeld begon kan escaleren. Maar het is tegelijkertijd lastig het bespreekbaar te maken. Je hebt te maken met emoties en met afhankelijkheid. Ook hier is preventie het voornaamste doel, en het kunnen herkennen van een (potentieel) slechte situatie. Door het zichtbaar te maken komen verhalen los.

Waar speel je dit soort voorstellingen? 

Scholen, ouderenorganisaties, zorginstellingen, buurthuizen… Op allerlei plekken. Het concept is dat de gemeente ervoor betaalt en dat wij de voorstelling dan gratis aanbieden aan organisaties en instellingen. En zoals gezegd: er is veel belangstelling voor. Meer dan dat, ik zou het makkelijk kunnen uitbreiden met andere onderwerpen: depressie, zelfmoord, sexting, pesten, digitale weerbaarheid…

Maar dat doe je niet? 

Ik denk het niet. Ik ben me langzaam aan het voorbereiden op het moment dat ik ook Theater In Feite niet meer heb. Ik wil wel graag dat het doorgaat. Deze drie producties moeten zeker blijven. Zelf wil ik graag nog één keer een switch maken: liedjes en korte verhalen schrijven en die uitbrengen.

Liedjes en verhalen over wat? 

Over het leven. Een beetje kleinkunstachtig. Ik heb natuurlijk in het verleden al veel geschreven. Dat is ook wat ik het liefste doe. Dat ik het vervolgens ook uitwerkte was omdat het zo liep, maar het liefst hou ik me bij het schrijven en verder op de achtergrond. Maar het staat allemaal nog in de kinderschoenen en ik heb in mijn leven gemerkt dat het altijd weer anders kan gaan. Dus wie weet wat de toekomst brengt?

Wil jij ook Op de Pijp of ken je iemand met een mooi verhaal? Mail dan naar redactie.hhw@uitgeverijwestmedia.nl.

Meer nieuws uit Westland?

Ontvang de laatste updates per mail —

Volg ons op:

Heb je ook een nieuwtje? —

Deel dit bericht: