Toine Rohner brengt techniekonderwijs dichter bij leefwereld jongeren

Nieuws
Toin Rohner won eind juni de Innovators Arena met zijn initiatief 'Leren in de stad'.
Toin Rohner won eind juni de Innovators Arena met zijn initiatief 'Leren in de stad'. (Foto: Els Broers)
John Bontje

Toine Rohner van TwaanLab won eind juni de Innovators Arena in de categorie bestaande bedrijven met zijn initiatief Leren in de stad. Dit programma laat jongeren met affiniteit voor techniek leren in échte werkomgevingen, midden in hun eigen stad. Een praktische aanpak die talent ontwikkelt, bedrijven versterkt en de stad als klaslokaal gebruikt. Een duidelijker win-win kun je bijna niet bedenken. Rohner krijgt met zijn programma steeds meer handen op elkaar.

In een tijd waarin de technieksector schreeuwt om nieuw talent, weet Toine Rohner jongeren te bereiken die vaak buiten het vizier van traditionele opleidingsroutes vallen. Met zijn programma ‘Leren in de stad’ brengt hij techniekonderwijs letterlijk dichter bij de leefwereld van jongeren. Dat leverde hem onlangs de winst op in de pitchcompetitie voor bestaande bedrijven tijdens de Innovators Arena. Een geweldige erkenning voor zijn vernieuwende aanpak én voor het maatschappelijke belang van zijn missie.

Het idee achter Leren in de stad is even eenvoudig als krachtig: in plaats van jongeren naar een schoolgebouw te laten komen, brengt Rohner het leren naar plekken waar zij zich thuis voelen en waar techniek tastbaar wordt. Dat kan een werkplaats zijn, een lokaal bedrijf, of zelfs een bouwplaats in de buurt. “Veel jongeren met potentie voor de techniek vinden het lastig om zich in een traditionele schoolomgeving staande te houden,” vertelt Rohner vanuit zijn eigen ervaring. “Door het leren te verbinden met de praktijk en de stad als leeromgeving te gebruiken, zien ze direct waarom een vak waardevol is. Ik was vroeger hetzelfde, kon me moeilijk staande houden in vooropgezette structuren.”

De methode is praktisch, projectmatig en sterk verbonden met de lokale economie. Bedrijven worden actief betrokken als leerpartners en krijgen zo de kans om jong talent vroeg te ontdekken. De technieksector in Nederland kampt al jaren met tekorten aan goed opgeleid personeel. Volgens recente cijfers van Techniek Nederland staan er duizenden vacatures open, variërend van elektrotechniek en installatietechniek tot werktuigbouwkunde en ICT. Leren in de stad speelt hier direct op in. Jongeren maken via het programma kennis met verschillende technische disciplines, vaak door korte, intensieve projecten bij echte bedrijven. Zo kunnen ze proeven van het vak voordat ze zich op een richting vastleggen.
“Het gaat niet alleen om vaardigheden, maar ook om motivatie,” benadrukt Rohner. “Als je laat zien hoe techniek bijdraagt aan iets concreets in hun eigen buurt, krijgen jongeren daar een trots gevoel bij. Dat is vaak de motor die ze nodig hebben om verder te leren.”

Podium voor vernieuwers

Tijdens de Innovators Arena in Purmerend stonden bedrijven en organisaties uit de regio op het podium om hun vernieuwende ideeën te pitchen. De competitie kende twee categorieën: startende ondernemingen en bestaande bedrijven. Rohner deed mee in die laatste categorie — en wist met zijn verhaal de jury én het publiek te overtuigen. Zijn pitch was geen verkooppraatje, maar een oproep: investeer in jongeren door hen vroeg en praktisch kennis te laten maken met techniek, zodat ze kunnen doorgroeien naar een duurzame loopbaan.

De jury noemde de aanpak “een concreet, schaalbaar initiatief met directe impact op zowel jongeren als het regionale bedrijfsleven”. Naast de eer leverde de overwinning waardevolle contacten op met andere ondernemers, onderwijsinstellingen en gemeentevertegenwoordigers.

Wat Leren in de stad bijzonder maakt, is dat het programma veel breder kijkt dan technische vaardigheden. Jongeren leren samenwerken, plannen, communiceren met klanten en omgaan met verantwoordelijkheid. Veel deelnemers hebben eerder negatieve schoolervaringen gehad of kampen met persoonlijke uitdagingen. Het programma biedt daarom ook begeleiding op sociaal en persoonlijk vlak. “Techniek kan een ingang zijn, maar het doel is altijd dat jongeren zich ontwikkelen tot zelfverzekerde vakmensen én burgers,” aldus Rohner.

Hij wordt hierin ondersteund met officiële cijfers vanuit het beroepsonderwijs. Immers 22% van de leerlingen in het techniekonderwijs stopt voortijds. Van die 22% zegt liefst 70% iets te missen in deze vorm van onderwijs. Om die reden zegt Rohner: “Ze kunnen veel beter en meer leren van theorie in de praktijk. Daarbij wordt gewerkt met kleine groepen en veel individuele aandacht, iets wat in reguliere onderwijsinstellingen vaak lastig te realiseren is.|”

Samenwerking sleutel tot succes

Leren in de stad kan alleen bestaan dankzij intensieve samenwerking met lokale bedrijven, scholen, welzijnsorganisaties en de gemeente. Bedrijven leveren niet alleen leerplekken, maar denken ook mee over lesinhoud en projecten. Scholen verwijzen leerlingen door die beter gedijen bij praktijkgericht leren. “Er zijn steeds meer bedrijven die er net zo over denken. Zo ben ik heel enthousiast over de contacten met bijvoorbeeld Van ’t Hek, Boon Edam en KBK in Volendam. Zij zien het voordeel van leren in de praktijk.”

Tekst gaat verder onder de foto


Toine:  ’Er is in Edam en Volendam al volop sprake van een goede samenwerking tussen het bedrijfsleven en De Triade’. (Foto: Els Broers)

Rohner ziet hierin een duidelijke win-winsituatie: “Bedrijven hebben vaak moeite om geschikt personeel te vinden, terwijl jongeren soms geen idee hebben welke kansen er in hun eigen stad liggen. Wij brengen die werelden samen.” Het idee van ‘daten met sectoren’: jongeren starten virtueel (VR) en stappen pas fysiek in als er een klik is. “Goed dat de focus nu op techniek lig; daar ontwikkelen we de eerste modules voor – maar het is belangrijk om te benoemen dat andere sectoren snel volgen.”

Door de kleinschalige en flexibele opzet kan Leren in de stad snel inspelen op nieuwe ontwikkelingen in de sector. Zo zijn er inmiddels modules ontwikkeld rond duurzame energie, 3D-printen en slimme technologieën. De winst in de Innovators Arena versterkt niet alleen het profiel van Leren in de stad, maar ook dat van Purmerend als stad die innovatie en onderwijs verankert in de lokale gemeenschap.

Met meer zichtbaarheid kan Rohner zijn initiatief uitbreiden, bijvoorbeeld door extra leerlocaties te openen en nieuwe technische disciplines aan te bieden. Er zijn ook plannen om het concept uit te rollen naar andere gemeenten, al blijft Purmerend de thuisbasis. Een mooi voorbeeld van de uitrol naar andere gemeenten ligt op enkele kilometers hier vandaan, namelijk Edam. De Triade past het min of meer zelf toe, al is het verschil daar dat de leerlingen de stad intrekken, maar dat de stad naar De Triade komt.

Toine: “Er is in Edam en Volendam al volop sprake van een goede samenwerking tussen het bedrijfsleven en De Triade. De handen worden daar op een voor beide partijen ideale manier ineen geslagen. Het is de meest ideale situatie, zo zou het eigenlijk overal moeten gaan.”

En: “Andere gemeentes zijn ook enthousiast, we worden reeds actief benaderd door andere gemeentes om Leren in de Stad in te zetten voor jongeren maar ook volwassenen die een afstand tot de arbeidsmarkt hebben of willen switchen naar een ander beroepsveld.

“Het is belangrijk dat jongeren zich verbonden voelen met hun stad,” zegt Rohner. “Als je hier leert en werkt, blijf je eerder in de regio. Dat is goed voor de bedrijven, maar ook voor de sociale samenhang.” Het succes van Leren in de stad laat zien dat innovatie in onderwijs niet altijd grootschalig of technologisch complex hoeft te zijn. Soms zit de vernieuwing juist in het verplaatsen van het klaslokaal, het leggen van directe verbindingen met de praktijk, en het erkennen van de unieke talenten van jongeren.

De aanpak zou heel goed ook in andere steden toepasbaar zijn, mits er lokale partners bereid zijn om mee te doen. Rohner is daar optimistisch over: “Iedere stad heeft bedrijven die zitten te springen om jong talent. Het is vooral een kwestie van elkaar vinden.”

Vooruitkijken

Met de titel van winnaar in de categorie bestaande bedrijven op zak, wil Toine Rohner de komende jaren verder bouwen aan zijn programma. Naast uitbreiding van het aanbod staan er ook plannen op stapel voor het ontwikkelen van een digitaal platform, zodat jongeren en bedrijven elkaar nog makkelijker kunnen vinden.

De kern van zijn missie blijft echter onveranderd: jongeren laten ervaren dat techniek niet alleen toekomst biedt, maar ook plezier, trots en verbondenheid met hun eigen omgeving. Of zoals hij het zelf samenvat: “We leren niet alleen in de stad, we leren mét de stad.”

Het programma helpt bij het tegengaan van studieswitch en voortijdige uitval in het beroepsonderwijs, door jongeren beter en eerder zicht te geven op wat echt bij hen past.

Tot slot benoemt Toine de maatschappelijke impact. “Leren in de Stad draagt bij aan brede welvaart en inclusiever onderwijs, juist voor jongeren die minder goed uit de voeten kunnen in traditionele structuren.”

JOHN BONTJE

Meest gelezen


Lees nu de laatste editie van de digitale krant